Hoe deze cursus is gebouwd.
De meeste cursussen bedenken wat A2- of B1-vragen en hopen dat het op het examen lijkt. Het examen heeft een vaste vorm. Die hebben we eerst uitgezocht en daarop is alles gebouwd.
- 0+
- examenvragen onderzocht
- 0
- woorden om te leren
- 0
- grammaticaoefeningen
- 0
- oefenvragen voor het examen
De vragen raken niet op. Er komen steeds nieuwe bij en je krijgt er nooit een die je al hebt gehad.
Eerst de echte examens geanalyseerd.
Voordat we een vraag schreven hebben we de officiële examens onderzocht. Welke onderwerpen terugkomen. Hoe de vragen gesteld worden. Hoe de foute antwoorden gemaakt zijn.
Daarop hebben we de hele inburgeringscursus gebouwd.
Bekijk het hele onderzoekOp A2 kun je het antwoord vaak opzoeken. Op B2 moet je het zelf afleiden.
- A2-leesvragen met het antwoord bijna letterlijk in de tekst41van 75
- B2-leesvragen met het antwoord bijna letterlijk in de tekst13van 108
Elk niveau vraagt iets anders van je. De cursus houdt daar rekening mee.
Eerst een basis, dan het examen.
Grammatica en woorden zijn de basis voor de examentraining. Je kunt precies weten wat een vraag van je wil en toch de punt verliezen op de zin zelf. Daarom begint de cursus daarmee.
Woorden
11 fases, 3.079 woorden
Je begint met de woorden die je elke dag nodig hebt. Een woord komt terug net voordat je het vergeet. Zo houd je het vast in plaats van het twee keer te leren.
Grammatica
33 onderwerpen, 3.672 oefeningen
In de volgorde die werkt. Werkwoorden voor woordvolgorde, woordvolgorde voor langere zinnen. Bij elk onderwerp hoort een korte uitleg en een toets aan het eind.
Daarna elk onderdeel van het examen.
Elk onderdeel van het examen vraagt iets anders. Daarom heeft elk onderdeel een eigen uitleg en eigen oefeningen. Kies een onderdeel om te zien wat erin zit.
Echte examenteksten met de vraagtypes die steeds terugkomen. Je ziet meteen of je antwoord goed is. Bij elke foute optie staat waarom die fout is. Daar leer je het meest van.
- A2168oefenvragen
- B1280oefenvragen
- B2232oefenvragen
Dat is de vaste set. Daarna krijg je nieuwe vragen op je zwakke punten zolang je ze nodig hebt.
En dan oefen je waar je fout op gaat.
Elk antwoord dat je geeft wordt bewaard met het onderwerp, het vraagtype en de vaardigheid erachter. Een zwak punt is dus niet alleen "de en het". Het kan ook een vraagtype zijn: die waarbij het antwoord nooit letterlijk in de tekst staat.
Je zwakke punten
Op basis van je antwoorden
- de / het lidwoorden41%
- Woordvolgorde in langere zinnen56%
- Antwoorden die er niet letterlijk staan63%
Oefen deze
Het wacht op een patroon
Een onderwerp wordt pas een zwak punt na minstens vier pogingen en 15% fout binnen 30 dagen. Twee fouten op één avond bepalen niets.
Woorden komen op tijd terug
Een nieuw woord komt na een dag terug. Daarna na vier dagen en zo steeds verder uit elkaar. Heb je het fout dan komt het eerder terug.
Het raakt niet op
Nieuwe vragen volgen dezelfde patronen als het examen. Je kunt op één zwak punt doorgaan tot het geen zwak punt meer is.
Regels bepalen wat je krijgt, geen AI
Wat je hierna oefent volgt uit je eigen antwoorden. Er zit geen model achter dat naar je zit te gissen.

Timo Yasamin
Oprichter van Inburgeringscursus.nl
Gemaakt door iemand die zag hoe het misging.
Ik ben Timo. Zelf heb ik het inburgeringsexamen nooit hoeven doen. Mijn familie wel en ik heb ze geholpen met de voorbereiding.
Dat examen bleek heel goed te trainen. Het heeft een vaste vorm en vraagt om duidelijke, afgebakende opdrachten. De cursus waar ze voor betaalden leerde ze algemeen Nederlands.
Daarom heb ik de cursus gebouwd die ik voor hen had gewild.
Lees het hele verhaalZie het zelf,
met een gratis oefenexamen.
Doe een volledig oefenexamen en zie per onderdeel waar je staat. Je kunt beginnen zonder account.