Oefenen · B1 · Luisteren

Inburgering B1 Luisteren oefenen, volledig examen gratis.

Oefen het onderdeel Luisteren op B1, zoals in het Staatsexamen NT2. De audio speelt één keer af. Oefen op het gevraagde tempo, beantwoord de examenvragen en bekijk hoe je scoort.

Probeer een B1 oefenexamen Luisteren

Eén volledig B1-examen Luisteren is gratis, met je score. In de cursus zit elk examen, alle oefenvragen en de uitleg per onderdeel. Zo kun je blijven oefenen tot je vaardigheidsscore op 500 staat.

Work

Fragment 1 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost vertelt hoe hij in het vak rolde.

1. Hoe is Joost bakker geworden?

  • a.Doordat hij eerst de vakschool had gedaan.
  • b.Doordat hij het al van jongs af aan wilde.
  • c.Door toevallig in de vakantie bij zijn oom te helpen.
Work

Fragment 2 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost legt uit waarom hij geen machines gebruikt.

1. Waarom kiest Joost ervoor om alles met de hand te maken?

  • a.Omdat handwerk hem sneller en goedkoper uitkomt.
  • b.Omdat hij zo de grootste bakker kan worden.
  • c.Omdat hij dan voelt of het deeg goed is, en dat proeven zijn klanten.
Work

Fragment 3 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost vertelt wat hij het lastigst vindt aan zijn ritme.

1. Wat vindt Joost het lastigst aan zijn werkritme?

  • a.Dat zijn sociale leven anders loopt dan dat van zijn vrienden.
  • b.Dat hij 's nachts helemaal alleen in de bakkerij staat.
  • c.Dat hij al om twee uur 's nachts moet opstaan.
Work

Fragment 4 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost vertelt over zijn populairste brood.

1. Wat zegt Joost over de populariteit van zijn zuurdesembrood?

  • a.Hij wist van tevoren al dat het een succes zou worden.
  • b.De witte bollen zijn nog steeds zijn populairste product.
  • c.Het sloeg meteen aan, terwijl hij daar zelf niet zeker over was.
Work

Fragment 5 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost praat over zijn dochter en de toekomst.

1. Hoe denkt Joost over de overname door zijn dochter?

  • a.Hij vindt dat zij beter een ander vak kan kiezen.
  • b.Hij gaat ervan uit dat zij het na de bakopleiding zeker doet.
  • c.Hij zou het mooi vinden, maar legt haar niets op.
Work

Fragment 6 of 36

Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker

Joost waarschuwt jongeren die het vak in willen.

1. Waar waarschuwt Joost jongeren voor?

  • a.Dat je er weinig geld mee verdient.
  • b.Dat je vooral vrolijk taartjes leert versieren.
  • c.Dat het vak veel zwaarder is dan een hobby.
studie

Fragment 7 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Lieke vertelt over de reactie van haar moeder.

1. Waar was Liekes moeder vooral bang voor?

  • a.Dat Lieke de nieuwe taal niet zou leren spreken.
  • b.Dat Lieke zich erg alleen zou voelen.
  • c.Dat de studie te duur zou worden.
studie

Fragment 8 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Lieke vertelt hoe ze de taal onder de knie kreeg.

1. Hoe leerde Lieke uiteindelijk vooral Spaans?

  • a.Doordat ze het elke dag nodig had in huis.
  • b.Door de avondcursus van een paar maanden.
  • c.Doordat haar huisgenoten Engels spraken.
studie

Fragment 9 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Liekes mening over het onderwijs veranderde.

1. Hoe denkt Lieke uiteindelijk over het andere onderwijs?

  • a.Ze blijft de hoorcolleges saai en ouderwets vinden.
  • b.Het is niet slechter, maar anders, en ze stak er veel van op.
  • c.Ze vindt het Nederlandse onderwijs veel beter.
studie

Fragment 10 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Lieke vertelt hoe ze haar heimwee overwon.

1. Wat hielp Lieke om over haar heimwee heen te komen?

  • a.Voor een tijdje terug naar huis gaan.
  • b.Elke avond urenlang met het thuisfront bellen.
  • c.Eropuit gaan en nieuwe vrienden maken.
studie

Fragment 11 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Lieke vertelt wat haar het meest heeft opgeleverd.

1. Wat vindt Lieke zelf de belangrijkste opbrengst van haar uitwisseling?

  • a.Dat het vooral om de taal gaat.
  • b.Dat ze een woning en een afspraak bij de huisarts kon regelen.
  • c.Dat ze meer op eigen benen durft te staan.
studie

Fragment 12 of 36

Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling

Lieke geeft een praktische tip.

1. Wat is volgens Lieke de belangrijkste praktische tip?

  • a.Optrekken met de mensen die er zelf vandaan komen.
  • b.Rekenen op een lange vakantie.
  • c.Veel omgaan met de andere Nederlanders, want dat is makkelijk en vertrouwd.
dagelijks-leven

Fragment 13 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim vertelt over het moment dat hem op een idee bracht.

1. Waarom richt Karim zich nu op volwassenen?

  • a.Hij helpt mensen graag over hun angst heen.
  • b.Er is veel meer vraag naar lessen voor kinderen.
  • c.Hij kon niet zo goed met kinderen overweg.
dagelijks-leven

Fragment 14 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim legt uit waarom hij in groepjes lesgeeft.

1. Waarom geeft Karim bewust les in kleine groepjes?

  • a.Omdat de lessen zo goedkoper zijn voor zijn cursisten.
  • b.Omdat cursisten zich samen minder schamen.
  • c.Omdat hij dan minder lessen hoeft te geven.
dagelijks-leven

Fragment 15 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim beschrijft hoe de allereerste les eruitziet.

1. Wat gebeurt er in de allereerste les?

  • a.De cursisten wennen in het ondiepe rustig aan het water.
  • b.De cursisten leren meteen de zwemtechniek.
  • c.De cursisten worden meteen het diepe in gestuurd.
dagelijks-leven

Fragment 16 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim vertelt over een oudere man die bij hem leerde zwemmen.

1. Waarom wilde de man van bijna zeventig leren zwemmen?

  • a.Omdat de dokter hem meer bewegen had aangeraden.
  • b.Omdat hij met zijn vrouw naar zee ging.
  • c.Omdat zijn kleinkinderen graag zwommen.
dagelijks-leven

Fragment 17 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim vertelt waarom mensen soms stoppen.

1. Waarom stoppen cursisten meestal als ze stoppen?

  • a.Omdat Karim ze te veel probeert te dwingen.
  • b.Meestal omdat het zwemmen zelf ze niet lukt.
  • c.Door drukte of zorgen buiten het zwembad om.
dagelijks-leven

Fragment 18 of 36

Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen

Karim vertelt over zijn droom voor de toekomst.

1. Wat is de droom van Karim?

  • a.Zelf veel meer lessen per jaar gaan geven.
  • b.Andere zwemleraren opleiden voor dit werk.
  • c.Weer teruggaan naar het lesgeven aan kinderen.
Work

Fragment 19 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Wendy vertelt waarom ze haar oude baan verliet.

1. Waarom wilde Wendy weg uit het magazijn?

  • a.Ze vond het geen prima werk.
  • b.Ze miste afwisseling en gezelschap.
  • c.Het inpakken van dozen was lichamelijk veel te zwaar geworden.
Work

Fragment 20 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Wendy vertelt wat het moeilijkst was tijdens de opleiding.

1. Wat vond Wendy het moeilijkst om te leren?

  • a.De regels en de veiligheid uit de schoolbanken.
  • b.Het rijden zelf.
  • c.Op het juiste moment afremmen.
Work

Fragment 21 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Wendy vergelijkt de vroege en de late dienst.

1. Hoe denkt Wendy over de vroege dienst?

  • a.Ze heeft net als de meeste collega's een gruwelijke hekel aan dat vroege opstaan.
  • b.Anders dan de meesten om haar heen heeft dit haar voorkeur.
  • c.Ze rijdt liever tot ver na middernacht door in de late dienst.
Work

Fragment 22 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Wendy vertelt waar ze tijdens het rijden het meest van schrikt.

1. Waar schrikt Wendy tijdens haar werk het meest van?

  • a.Onoplettende weggebruikers die de baan oversteken.
  • b.Dat haar lichaam soms nog uren natrilt van een defecte tram.
  • c.De boze passagiers, dat is het allerlastigste.
Work

Fragment 23 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Passagiers vragen Wendy vaak iets.

1. Wat vragen passagiers volgens Wendy het vaakst?

  • a.Hoe laat de volgende tram rijdt.
  • b.Hoe ze ergens moeten komen.
  • c.Of de tram op schema ligt.
Work

Fragment 24 of 36

Part 4: Een gesprek met een trambestuurder

Wendy is gevraagd voor een andere functie.

1. Waarom wil Wendy geen leidinggevende worden?

  • a.Omdat ze het rijden te vermoeiend vindt worden.
  • b.Omdat ze daar te weinig voor zou verdienen.
  • c.Omdat ze niet achter een bureau wil werken.
studie

Fragment 25 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

Bram legt uit waarom hij dit onderwerp koos.

1. Waarom maakte Bram een podcast over zijn eigen wijk?

  • a.Hij wilde een positiever beeld tegenover het nieuws zetten.
  • b.Hij wilde de overlast waar het nieuws over gaat zelf aanpakken.
  • c.Zijn docent zei dat hij dit onderwerp moest kiezen.
studie

Fragment 26 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

Bram vertelt over een meneer die uiteindelijk niet meedeed.

1. Waarom deed één meneer uiteindelijk niet mee?

  • a.Hij had geen prachtig verhaal.
  • b.Hij wilde eerst nog een kopje thee zonder microfoon.
  • c.Hij durfde het uiteindelijk toch niet aan.
studie

Fragment 27 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

1. Hoeveel afleveringen heeft Bram uiteindelijk gemaakt?

  • a.Er zijn er zes gekomen.
  • b.Twintig, want een aflevering duurt maar een minuut of twintig.
  • c.Hij had er tien gepland en die zijn er ook gekomen.
studie

Fragment 28 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

Bram vertelt waar hij het montagewerk vooral van leerde.

1. Waar leerde Bram het meeste over monteren?

  • a.Van zijn docent, die vooral met de grote lijn hielp.
  • b.Van uitleg online, die hij zo vaak kon herhalen als hij wilde.
  • c.Van het vak montage dat ze op school hadden.
studie

Fragment 29 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

Bram vertelt wat hem het meest raakte aan het succes.

1. Wat vond Bram zelf het mooiste aan het succes?

  • a.Dat het project iets betekende voor de buurt.
  • b.Dat de wethouder hem persoonlijk een bericht stuurde.
  • c.Dat een lokale krant erover schreef.
studie

Fragment 30 of 36

Part 5: Een gesprek met een student media

Bram vertelt over zijn plannen na de opleiding.

1. Wat wil Bram na zijn opleiding doen?

  • a.De podcast naast zijn studie voortzetten met evenveel afleveringen.
  • b.Verder studeren om later verslaggever te worden.
  • c.De buurtbewoners het opnemen en monteren laten overnemen.
dagelijks-leven

Fragment 31 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

Anja legt uit hoe de buurtbibliotheek ontstond.

1. Waarom namen de bewoners de bibliotheek zelf over?

  • a.Omdat de gemeente hun dat uitdrukkelijk had gevraagd.
  • b.Omdat de officiële bibliotheek dichtging.
  • c.Omdat het oude gebouw veel te klein was geworden.
dagelijks-leven

Fragment 32 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

1. Met hoeveel vaste vrijwilligers werken ze nu?

  • a.Met een stuk of vijftien.
  • b.Nog altijd met zijn drieën, net als in het begin.
  • c.Met vierentachtig, van een student van twintig tot een gepensioneerde meneer.
dagelijks-leven

Fragment 33 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

Anja legt uit wat de bibliotheek vooral is geworden.

1. Wat is de bibliotheek volgens Anja vooral geworden?

  • a.Vooral nog een plek om boeken te lenen.
  • b.Een plek waar mensen elkaar ontmoeten.
  • c.Een plek die door schermen overbodig is geworden.
dagelijks-leven

Fragment 34 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

Anja vertelt hoe ze aan geld komen.

1. Hoe komen ze vooral aan geld voor de bibliotheek?

  • a.De gemeente betaalt bijna alles zelf.
  • b.Door de contributie van de leden.
  • c.Door giften en kleine acties zoals de boekenmarkt.
dagelijks-leven

Fragment 35 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

Anja vertelt wat het werk haar persoonlijk brengt.

1. Wat betekent het vrijwilligerswerk voor Anja zelf?

  • a.Sinds ze met pensioen is, levert het haar een klein inkomen op.
  • b.Haar lege dagen kregen weer inhoud en gezelschap.
  • c.Vrijwilligerswerk is vooral geven, dus het kost haar vooral tijd.
dagelijks-leven

Fragment 36 of 36

Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek

Anja geeft advies aan andere buurten.

1. Wat raadt Anja andere buurten vooral aan?

  • a.Het initiatief in eigen hand nemen in plaats van afwachten.
  • b.Er rekening mee houden dat zoiets veel te ingewikkeld is.
  • c.Wachten tot de gemeente of iemand anders het voor je oplost.

Zo ziet Luisteren B1 eruit

  • Luisteren B1 is een onderdeel van het Staatsexamen NT2 Programma I. Je maakt het op de computer en hebt 90 minuten.
  • Je hoort elk fragment één keer.
  • De uitslag is een vaardigheidsscore. Bij 500 ben je geslaagd.

Dit oefenexamen: 36 vragen · 90 minuten

Luisteren oefenen op B1-niveau.

Op B1 loopt het onderdeel Luisteren via het Staatsexamen NT2 Programma I. Je hoort fragmenten zoals gesprekken, mededelingen en korte verslagen. Op B1 wordt de audio één keer afgespeeld. Er is geen herhaling, lees daarom goed de vraag voordat de audio wordt afgespeeld. Je krijgt 90 minuten en het onderdeel wordt beoordeeld met een vaardigheidsscore van maximaal 500, niet met een slagingspercentage.

Omdat de audio maar één keer wordt afgespeeld, heb je geen tijd om alles in je hoofd te vertalen. Oefen daarom met volledige fragmenten en niet met losse zinnen. Zo wen je aan het kiezen van een antwoord direct de eerste keer dat je het hoort. Maak één volledig oefenexamen, kijk welke soort fragmenten je lastig vond en luister daarna naar soortgelijk materiaal.

Luisteren is één onderdeel van de inburgeringscursus. Voor de andere onderdelen doe je het inburgering B1 oefenexamen of de hele B1 inburgeringscursus.

Veelgestelde vragen over B1 Luisteren

De audio is dichter en academischer dan op A2. Denk aan een lezing of een interview, gesproken op natuurlijk tempo. De echte vaardigheid is de hoofdlijn vasthouden terwijl de details voorbijkomen. Je antwoordt vanuit de opbouw van wat je hoorde, niet vanuit één zin. Je doet het op de computer en je hebt 90 minuten voor dit onderdeel.

Met een vaardigheidsscore. Je slaagt bij 500. Het is geen percentage. Het aantal ruwe punten dat je voor die 500 nodig hebt verschilt per examen. Dit oefenexamen laat zien welke fragmenten je lastig vond, zodat je weet met welk soort audio je verder oefent.

Op B1 loopt het onderdeel Luisteren via het Staatsexamen NT2 Programma I, niet via het inburgeringsexamen op A2. Je doet dit examen als je route op B1 staat. De uitslag is een vaardigheidsscore waarbij 500 de grens is. De vaardigheid is in beide gevallen dezelfde: bij de spreker blijven op natuurlijk tempo zonder in je hoofd te vertalen.

Leer jezelf aan om eerst de vraag te lezen en op de hoofdlijn te letten, in plaats van elk woord te willen pakken terwijl de details voorbijgaan. Oefen met echte gesproken audio op natuurlijk tempo, niet met vertraagde opnames. Zo wordt het tempo vertrouwd. Volledige oefenexamens onder tijdsdruk maken is wat de gewoonte opbouwt.

Eén B1-examen Luisteren gratis,
de rest zit in de cursus.

Je mag één B1-examen Luisteren gratis maken en je krijgt meteen je score. In de cursus zit elk examen, alle oefenvragen en de uitleg per onderdeel. Zo kun je blijven oefenen tot je vaardigheidsscore op 500 staat.