Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost vertelt hoe hij in het vak rolde.
1. Hoe is Joost bakker geworden?
- a.Doordat hij eerst de vakschool had gedaan.
- b.Doordat hij het al van jongs af aan wilde.
- c.Door toevallig in de vakantie bij zijn oom te helpen.
Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost legt uit waarom hij geen machines gebruikt.
1. Waarom kiest Joost ervoor om alles met de hand te maken?
- a.Omdat handwerk hem sneller en goedkoper uitkomt.
- b.Omdat hij zo de grootste bakker kan worden.
- c.Omdat hij dan voelt of het deeg goed is, en dat proeven zijn klanten.
Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost vertelt wat hij het lastigst vindt aan zijn ritme.
1. Wat vindt Joost het lastigst aan zijn werkritme?
- a.Dat zijn sociale leven anders loopt dan dat van zijn vrienden.
- b.Dat hij 's nachts helemaal alleen in de bakkerij staat.
- c.Dat hij al om twee uur 's nachts moet opstaan.
Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost vertelt over zijn populairste brood.
1. Wat zegt Joost over de populariteit van zijn zuurdesembrood?
- a.Hij wist van tevoren al dat het een succes zou worden.
- b.De witte bollen zijn nog steeds zijn populairste product.
- c.Het sloeg meteen aan, terwijl hij daar zelf niet zeker over was.
Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost praat over zijn dochter en de toekomst.
1. Hoe denkt Joost over de overname door zijn dochter?
- a.Hij vindt dat zij beter een ander vak kan kiezen.
- b.Hij gaat ervan uit dat zij het na de bakopleiding zeker doet.
- c.Hij zou het mooi vinden, maar legt haar niets op.
Part 1: Een gesprek met een ambachtelijke bakker
Joost waarschuwt jongeren die het vak in willen.
1. Waar waarschuwt Joost jongeren voor?
- a.Dat je er weinig geld mee verdient.
- b.Dat je vooral vrolijk taartjes leert versieren.
- c.Dat het vak veel zwaarder is dan een hobby.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Lieke vertelt over de reactie van haar moeder.
1. Waar was Liekes moeder vooral bang voor?
- a.Dat Lieke de nieuwe taal niet zou leren spreken.
- b.Dat Lieke zich erg alleen zou voelen.
- c.Dat de studie te duur zou worden.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Lieke vertelt hoe ze de taal onder de knie kreeg.
1. Hoe leerde Lieke uiteindelijk vooral Spaans?
- a.Doordat ze het elke dag nodig had in huis.
- b.Door de avondcursus van een paar maanden.
- c.Doordat haar huisgenoten Engels spraken.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Liekes mening over het onderwijs veranderde.
1. Hoe denkt Lieke uiteindelijk over het andere onderwijs?
- a.Ze blijft de hoorcolleges saai en ouderwets vinden.
- b.Het is niet slechter, maar anders, en ze stak er veel van op.
- c.Ze vindt het Nederlandse onderwijs veel beter.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Lieke vertelt hoe ze haar heimwee overwon.
1. Wat hielp Lieke om over haar heimwee heen te komen?
- a.Voor een tijdje terug naar huis gaan.
- b.Elke avond urenlang met het thuisfront bellen.
- c.Eropuit gaan en nieuwe vrienden maken.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Lieke vertelt wat haar het meest heeft opgeleverd.
1. Wat vindt Lieke zelf de belangrijkste opbrengst van haar uitwisseling?
- a.Dat ze de Spaanse taal goed heeft leren spreken.
- b.Dat ze veel nieuwe vrienden heeft gemaakt.
- c.Dat ze veel zelfstandiger en zekerder is geworden.
Part 2: Een gesprek met een student over haar uitwisseling
Lieke geeft een praktische tip.
1. Wat is volgens Lieke de belangrijkste praktische tip?
- a.Contact zoeken met de lokale studenten.
- b.Het vooral als een lange vakantie zien.
- c.Vooral optrekken met de andere Nederlanders daar.
dagelijks-levenFragment 13 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim vertelt over het moment dat hem op een idee bracht.
1. Waarom richt Karim zich nu op volwassenen?
- a.Hij helpt mensen graag over hun angst heen.
- b.Er is veel meer vraag naar lessen voor kinderen.
- c.Hij kon niet zo goed met kinderen overweg.
dagelijks-levenFragment 14 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim legt uit waarom hij in groepjes lesgeeft.
1. Waarom geeft Karim bewust les in kleine groepjes?
- a.Omdat de lessen zo goedkoper zijn voor zijn cursisten.
- b.Omdat cursisten zich samen minder schamen.
- c.Omdat hij dan minder lessen hoeft te geven.
dagelijks-levenFragment 15 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim beschrijft hoe de allereerste les eruitziet.
1. Wat gebeurt er in de allereerste les?
- a.De cursisten wennen in het ondiepe rustig aan het water.
- b.De cursisten leren meteen de zwemtechniek.
- c.De cursisten worden meteen het diepe in gestuurd.
dagelijks-levenFragment 16 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim vertelt over een oudere man die bij hem leerde zwemmen.
1. Waarom wilde de man van bijna zeventig leren zwemmen?
- a.Omdat de dokter hem meer bewegen had aangeraden.
- b.Omdat hij met zijn vrouw naar zee ging.
- c.Omdat zijn kleinkinderen graag zwommen.
dagelijks-levenFragment 17 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim vertelt waarom mensen soms stoppen.
1. Waarom stoppen cursisten meestal als ze stoppen?
- a.Omdat Karim te streng voor ze is.
- b.Omdat het zwemmen ze uiteindelijk niet lukt.
- c.Doordat het leven ertussen komt.
dagelijks-levenFragment 18 of 36
Part 3: Een gesprek met een zwemleraar voor volwassenen
Karim vertelt over zijn droom voor de toekomst.
1. Wat is de droom van Karim?
- a.Zelf veel meer lessen per jaar gaan geven.
- b.Andere zwemleraren opleiden voor dit werk.
- c.Weer teruggaan naar het lesgeven aan kinderen.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Wendy vertelt waarom ze haar oude baan verliet.
1. Waarom wilde Wendy weg uit het magazijn?
- a.Het werk was lichamelijk te zwaar voor haar.
- b.Het werk was elke dag hetzelfde en eenzaam.
- c.Ze verdiende er veel te weinig geld.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Wendy vertelt wat het moeilijkst was tijdens de opleiding.
1. Wat vond Wendy het moeilijkst om te leren?
- a.De regels en de veiligheid uit de schoolbanken.
- b.Het rijden zelf.
- c.Op het juiste moment afremmen.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Wendy vergelijkt de vroege en de late dienst.
1. Hoe denkt Wendy over de vroege dienst?
- a.Ze heeft een gruwelijke hekel aan het vroege opstaan.
- b.Ze geniet er juist van.
- c.Ze vindt de late dienst veel fijner.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Wendy vertelt waar ze tijdens het rijden het meest van schrikt.
1. Waar schrikt Wendy tijdens haar werk het meest van?
- a.Mensen die zomaar de rails op stappen.
- b.Dat de tram onderweg technisch kapotgaat.
- c.De boze passagiers die soms in haar tram stappen.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Passagiers vragen Wendy vaak iets.
1. Wat vragen passagiers volgens Wendy het vaakst?
- a.Hoe laat de volgende tram rijdt.
- b.Hoe ze ergens moeten komen.
- c.Of de tram op schema ligt.
Part 4: Een gesprek met een trambestuurder
Wendy is gevraagd voor een andere functie.
1. Waarom wil Wendy geen leidinggevende worden?
- a.Omdat ze het rijden te vermoeiend vindt worden.
- b.Omdat ze daar te weinig voor zou verdienen.
- c.Omdat ze niet achter een bureau wil werken.
Part 5: Een gesprek met een student media
Bram legt uit waarom hij dit onderwerp koos.
1. Waarom maakte Bram een podcast over zijn eigen wijk?
- a.Hij wilde de mooie kant van de wijk laten horen.
- b.Hij wilde de overlast in de wijk zelf aanpakken.
- c.Zijn docent had dit onderwerp voor hem gekozen.
Part 5: Een gesprek met een student media
Bram vertelt over een meneer die uiteindelijk niet meedeed.
1. Waarom deed één meneer uiteindelijk niet mee?
- a.Hij had zelf geen interessant verhaal te vertellen.
- b.Hij had geen tijd voor de opname.
- c.Hij vond het te spannend.
Part 5: Een gesprek met een student media
1. Hoeveel afleveringen heeft Bram uiteindelijk gemaakt?
- a.Zes afleveringen.
- b.Twintig afleveringen.
- c.Tien afleveringen.
Part 5: Een gesprek met een student media
Bram vertelt waar hij het montagewerk vooral van leerde.
1. Waar leerde Bram het meeste over monteren?
- a.Van zijn docent persoonlijk.
- b.Van filmpjes op internet.
- c.Van het vak montage op school.
Part 5: Een gesprek met een student media
Bram vertelt wat hem het meest raakte aan het succes.
1. Wat vond Bram zelf het mooiste aan het succes?
- a.Dat het project iets betekende voor de buurt.
- b.Dat de wethouder hem persoonlijk een bericht stuurde.
- c.Dat een lokale krant erover schreef.
Part 5: Een gesprek met een student media
Bram vertelt over zijn plannen na de opleiding.
1. Wat wil Bram na zijn opleiding doen?
- a.Meteen fulltime aan zijn podcast werken.
- b.Doorleren richting journalistiek.
- c.Een eigen restaurant beginnen.
dagelijks-levenFragment 31 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
Anja legt uit hoe de buurtbibliotheek ontstond.
1. Waarom namen de bewoners de bibliotheek zelf over?
- a.Omdat de gemeente hun dat uitdrukkelijk had gevraagd.
- b.Omdat de officiële bibliotheek dichtging.
- c.Omdat het oude gebouw veel te klein was geworden.
dagelijks-levenFragment 32 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
1. Met hoeveel vaste vrijwilligers werken ze nu?
- a.Ongeveer vijftien.
- b.Met zijn drieën, net als vroeger.
- c.Vierentachtig.
dagelijks-levenFragment 33 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
Anja legt uit wat de bibliotheek vooral is geworden.
1. Wat is de bibliotheek volgens Anja vooral geworden?
- a.Vooral nog een plek om boeken te lenen.
- b.Een plek waar mensen elkaar ontmoeten.
- c.Een plek die door schermen overbodig is geworden.
dagelijks-levenFragment 34 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
Anja vertelt hoe ze aan geld komen.
1. Hoe komen ze vooral aan geld voor de bibliotheek?
- a.De gemeente betaalt bijna alles zelf.
- b.Door de contributie van de leden.
- c.Door giften en kleine acties zoals de boekenmarkt.
dagelijks-levenFragment 35 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
Anja vertelt wat het werk haar persoonlijk brengt.
1. Wat betekent het vrijwilligerswerk voor Anja zelf?
- a.Het levert haar een klein extra inkomen op.
- b.Het gaf haar weer een doel en contact.
- c.Het kost haar vooral veel tijd en energie.
dagelijks-levenFragment 36 of 36
Part 6: Een gesprek met een vrijwilliger bij een buurtbibliotheek
Anja geeft advies aan andere buurten.
1. Wat raadt Anja andere buurten vooral aan?
- a.Gewoon zelf beginnen.
- b.Eerst genoeg geld bij elkaar sparen voor een gebouw.
- c.Eerst de gemeente om een oplossing blijven vragen.