Oefenen · KNM

Inburgeringsexamen oefenen KNM, volledig gratis.

Oefen KNM met examenvragen over hoe het leven in Nederland geregeld is. Je maakt een volledig examen, ziet je score en ontdekt aan welke thema’s je nog moet werken.

Gratis KNM oefenexamen

Eén volledig KNM-examen is gratis. Je beantwoordt de 40 vragen onder de klok en ziet meteen je score. In de cursus zit alles: elk examen, alle oefenvragen en de uitleg per thema. Zo oefen je door tot je er klaar voor bent.

Work and income

1. Youssef werkt in de bouw. Zijn collega vertelt dat de afspraken over loon en vakantiedagen voor de hele sector in een document staan. Hoe heet dat document?

  • a.De cao
  • b.De loonstrook
  • c.De belastingaangifte

Work and income

2. Mei werkt via een uitzendbureau. Wie heeft haar de baan bij het bedrijf gegeven?

  • a.De gemeente
  • b.Het uitzendbureau
  • c.De Belastingdienst

Work and income

3. Tomas heeft nog nooit gewerkt in Nederland en heeft geen inkomen. Hij heeft geld nodig om van te leven. Waar kan hij een bijstandsuitkering aanvragen?

  • a.Bij de Kamer van Koophandel
  • b.Bij het UWV
  • c.Bij de gemeente

Work and income

4. Wat is het verschil tussen het UWV en een vakbond?

  • a.Het UWV is van de overheid, een vakbond komt op voor werknemers.
  • b.Er is geen verschil, het is hetzelfde.
  • c.Het UWV komt op voor werknemers, een vakbond regelt uitkeringen.

Work and income

5. Anna werkt bij een groot bedrijf. Zij wil meepraten over de plannen en het beleid binnen haar eigen bedrijf. Met welke groep kan zij dat het beste doen?

  • a.De ondernemingsraad
  • b.De personeelsvereniging
  • c.De Kamer van Koophandel

Work and income

6. Een zzp'er heeft geen werkgever. Wie moet er dan voor zorgen dat de zzp'er later pensioen heeft?

  • a.De gemeente regelt dat automatisch
  • b.De zzp'er zelf
  • c.De Kamer van Koophandel

Work and income

7. Said volgt zijn inburgering. Hij moet een onderdeel doen dat hem voorbereidt op werken in Nederland. Wat is de MAP?

  • a.Een verzekering voor als je ziek bent
  • b.Een examen met kennisvragen over Nederland
  • c.Een onderdeel dat je voorbereidt op werk in Nederland

Work and income

8. Lin krijgt huurtoeslag van de Belastingdienst. Haar situatie verandert: ze gaat veel meer verdienen. Wat moet zij doen?

  • a.De verandering doorgeven aan de Belastingdienst
  • b.De huurtoeslag aan haar verhuurder vragen
  • c.Niets, toeslagen blijven altijd gelijk

Health and healthcare

9. Maria voelt zich al weken somber en wil graag hulp. Ze hoort dat er in de huisartsenpraktijk een medewerker is die helpt bij psychische klachten. Hoe komt zij bij die medewerker?

  • a.Via de gemeente
  • b.Via haar huisarts
  • c.Via de apotheek

Health and healthcare

10. Kofi spreekt nog niet goed Nederlands. Bij een belangrijk gesprek met de dokter wil hij alles goed begrijpen. Waar heeft hij recht op?

  • a.Op gratis medicijnen
  • b.Op een nieuwe huisarts
  • c.Op een tolk

Health and healthcare

11. Wie betaalt in Nederland eigen risico voor de zorg?

  • a.Iedereen, ook kinderen.
  • b.Iedereen vanaf 18 jaar.
  • c.Alleen mensen met een laag inkomen.

Health and healthcare

12. Het kind van Aylin is twee jaar oud. Aylin wil dat haar kind de prikken (vaccinaties) krijgt en dat de groei wordt gecontroleerd. Waar gaat zij naartoe?

  • a.Naar het consultatiebureau
  • b.Naar de Spoedeisende Hulp
  • c.Naar de apotheek

Health and healthcare

13. Vanaf welke leeftijd moet je in Nederland zelf een zorgverzekering hebben?

  • a.Vanaf 16 jaar
  • b.Vanaf 18 jaar
  • c.Vanaf 21 jaar

Health and healthcare

14. Hugo wil dat de zorgverzekering ook de fysiotherapeut betaalt. Dat zit niet in de basisverzekering. Wat kan hij doen?

  • a.Zorgtoeslag aanvragen bij de gemeente
  • b.Het eigen risico laten verlagen
  • c.Een aanvullende verzekering afsluiten

Constitution and the rule of law

15. Hoeveel leden heeft de Eerste Kamer?

  • a.75 leden
  • b.150 leden
  • c.300 leden

Constitution and the rule of law

16. Wie zorgt ervoor dat een verdachte in een rechtszaak wordt vervolgd?

  • a.De advocaat
  • b.De officier van justitie
  • c.De rechter

Constitution and the rule of law

17. Wie beslist in Nederland of iemand schuldig is aan een misdrijf?

  • a.De politie.
  • b.De burgemeester.
  • c.De rechter.

Constitution and the rule of law

18. Bram wil graag zelf gekozen worden als lid van de gemeenteraad. Hoe heet het recht om gekozen te worden?

  • a.Vrijheid van meningsuiting
  • b.Actief kiesrecht
  • c.Passief kiesrecht

Constitution and the rule of law

19. Wat is de hoogste wet van Nederland, waar alle andere wetten zich aan moeten houden?

  • a.De Grondwet
  • b.De cao
  • c.Het regeerakkoord

Constitution and the rule of law

20. Op het werk van Layla zegt iemand dat een geloof of traditie boven de Nederlandse wet staat. Wat is juist?

  • a.De werkgever beslist wat boven de wet staat
  • b.De Nederlandse wet staat boven geloof en traditie
  • c.Geloof en traditie staan altijd boven de wet

Public institutions

21. Diego is net in Nederland aangekomen om hier te wonen. Binnen hoeveel dagen moet hij zich inschrijven bij de gemeente?

  • a.Binnen 3 maanden
  • b.Binnen 1 jaar
  • c.Binnen 5 dagen

Public institutions

22. De moeder van Ravi kan door haar leeftijd moeilijk zelf boodschappen doen en heeft thuis hulp nodig. Via welke regeling van de gemeente kan zij hulp krijgen?

  • a.De Wmo
  • b.De WW
  • c.De cao

Public institutions

23. Op straat ziet Nadia een wijkagent. Wat doet een wijkagent vooral?

  • a.Belasting innen in de buurt
  • b.Het vaste aanspreekpunt van de politie in de buurt zijn
  • c.Rechtszaken beslissen

Public institutions

24. Sven wil dat de politie hem sneller helpt. Hij biedt de agent geld aan. Mag dat?

  • a.Nee, dat mag niet.
  • b.Ja, dat mag bij spoed.
  • c.Alleen als de agent ermee instemt.

Public institutions

25. De fiets van Omar is gestolen. Hij wil officieel vragen of de dief gepakt en gestraft kan worden. Wat doet hij dan bij de politie?

  • a.Hij doet alleen een melding
  • b.Hij vraagt een uitkering aan
  • c.Hij doet aangifte

Education and upbringing

26. Wat is de kwalificatieplicht voor jongeren van 16 tot 18 jaar zonder startkwalificatie?

  • a.Zij moeten naar school blijven gaan tot ze een startkwalificatie hebben of 18 worden
  • b.Zij mogen meteen stoppen met school
  • c.Zij moeten verplicht gaan werken

Education and upbringing

27. De dochter van Wei heeft een havo-diploma en wil verder studeren. Naar welk soort onderwijs gaat zij meestal?

  • a.Naar het vmbo
  • b.Naar het hbo
  • c.Naar de basisschool

Education and upbringing

28. De ouders van Tariq hebben de vrijwillige ouderbijdrage niet betaald. Wat mag de school doen?

  • a.Tariq van de gewone lessen uitsluiten.
  • b.Niets, Tariq doet gewoon mee.
  • c.Tariq van school sturen.

Education and upbringing

29. De school nodigt de ouders van Imran uit voor een oudergesprek over hoe het op school gaat. Wat wordt er van de ouders verwacht?

  • a.Dat zij niets hoeven te doen, dit is alleen voor de leraar
  • b.Dat zij de school betalen voor het gesprek
  • c.Dat zij komen en meepraten over hun kind

History and geography

30. Welke organisatie is vooral een militair samenwerkingsverband voor veiligheid?

  • a.De NAVO
  • b.De EU
  • c.De KvK

History and geography

31. Welke provincie is de nieuwste provincie van Nederland?

  • a.Groningen
  • b.Flevoland
  • c.Utrecht

History and geography

32. Aan welke kant van Nederland ligt de Noordzee?

  • a.Aan de oostkant.
  • b.Aan de zuidkant.
  • c.Aan de westkant.

History and geography

33. Een vriend vertelt Amara over de Gouden Eeuw. Waarmee verdienden Nederlandse handelaren toen veel geld?

  • a.Met het maken van auto's
  • b.Met het bouwen van vliegtuigen
  • c.Met handel en scheepvaart over zee

Social conduct, values and norms

34. Joana heeft om 15.00 uur een afspraak bij de gemeente, maar ze staat vast in het verkeer en komt te laat. Wat kan zij het beste doen?

  • a.De gemeente bellen om te zeggen dat ze later komt
  • b.Niets doen en gewoon veel later komen
  • c.De afspraak vergeten en niet meer komen

Social conduct, values and norms

35. Op 5 december viert men in Nederland Sinterklaas. Welk lekkers hoort vooral bij dit feest?

  • a.Beschuit met muisjes
  • b.Pepernoten
  • c.Oliebollen

Social conduct, values and norms

36. De buurvrouw van Pavel zegt op haar werk direct wat zij ergens van vindt. Hoe wordt dat in Nederland meestal gezien?

  • a.Als normaal en vaak gewaardeerd.
  • b.Als onbeleefd tegen je baas.
  • c.Als iets wat alleen buiten het werk mag.

Social conduct, values and norms

37. Welk feest in Nederland herinnert aan het einde van de slavernij?

  • a.Koningsdag
  • b.Carnaval
  • c.Keti Koti

Housing

38. Klaas huurt een woning en heeft een conflict met zijn verhuurder over achterstallig onderhoud. Naar welke instantie kan hij gaan voor hulp bij dit geschil?

  • a.De Huurcommissie
  • b.De Kamer van Koophandel
  • c.Het UWV

Housing

39. Sofie heeft last van haar buren. Wat kan zij het beste als eerste doen?

  • a.Meteen de politie bellen.
  • b.Zelf rustig met de buren praten.
  • c.Een brief naar de gemeente sturen.

Housing

40. Tessa zoekt een sociale huurwoning, maar er is een lange wachtlijst. Welke organisatie verhuurt sociale huurwoningen?

  • a.Een uitzendbureau
  • b.Een woningcorporatie
  • c.De Belastingdienst

Wat KNM van je vraagt.

KNM staat voor Kennis van de Nederlandse Maatschappij. Het toetst de praktische dingen die je moet weten om hier te wonen en te werken. Zoals hoe de zorg, het werk, het wonen, de school en de overheid geregeld zijn en wat er dagelijks van je verwacht wordt. Het is geen taalonderdeel, maar de vragen zijn in het Nederlands.

KNM hoort bij het inburgeringsexamen op zowel A2 als B1. Het is op beide niveaus hetzelfde soort kennisonderdeel, dus hier oefenen werkt voor allebei. De vragen hebben de examenvorm en sluiten aan op de thema’s die DUO behandelt. Zo oefen je de echte vorm van het onderdeel, niet de precieze vragen.

Maak één volledig KNM-examen gratis en zie je score. In de cursus zitten de overige KNM oefenexamens en kun je onbeperkt oefenen met elk onderdeel.

Dit oefenexamen is onderdeel van onze complete inburgeringscursus. Wil je de andere onderdelen ook oefenen? Ga dan inburgeringsexamen oefenen op je eigen niveau.

Veelgestelde vragen over KNM

KNM staat voor Kennis van de Nederlandse Maatschappij. Het toetst de praktische dingen die je moet weten om hier te wonen en te werken. Denk aan hoe de zorg, het werk, het wonen, de school en de overheid geregeld zijn en wat er dagelijks van je verwacht wordt. Het hoort bij het inburgeringsexamen op zowel A2 als B1. De vragen zijn in het Nederlands.

KNM is een examen op de computer van ongeveer 45 minuten met meerkeuzevragen over hoe het leven in Nederland geregeld is. Het staat naast de taalonderdelen Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken. Ons eigen oefenexamen heeft 40 vragen in dezelfde vorm en met een klok. Zo zijn de vorm en de tijdsdruk geen verrassing meer.

Ja. Je kan één volledig KNM-examen gratis maken. Daarna opent de cursus alles: elk examen, alle oefenvragen en de uitleg per thema. Zo oefen je door tot je er klaar voor bent.

Ja, KNM is hetzelfde soort kennisonderdeel of je nu op A2 of B1 examen doet. Het hoort op beide niveaus bij het inburgeringsexamen en de thema’s zijn gelijk. Hier oefenen werkt dus voor beide routes.

Werk de thema’s één voor één af: zorg, werk, wonen, school en overheid. Oefen daarna examenvragen tot ze vertrouwd aanvoelen. KNM is kennis die je kunt herhalen, dus gestaag oefenen is wat het verschil maakt, geen testtrucs. Maak eerst het gratis oefenexamen om te zien aan welke thema’s je nog moet werken.

Eén gratis KNM-examen,
de rest in de cursus.

Je mag één KNM-examen gratis maken en krijgt meteen je score. In de cursus zit alles: elk examen, alle oefenvragen en de uitleg per thema. Zo oefen je door tot je er klaar voor bent.

Inburgeringsexamen Oefenen KNM 2026: Gratis KNM Oefenen